Poepie doen

Drukje doen, de grote boodschap doen, een bruin truitje breien, kleien, kakken, schijten, de aambeien schoffelen, een splinter uit je rug drukken, broekhoesten, uit je kont kotsen, de bruine jongen laten bobsleeën, een bielsje leggen, reetracen, keramiek kraken, een anaalyse maken, bouten, een bruine beer verzuipen. We doen het allemaal elke dag, maar er ligt een taboe op. Poepen.Bij mij is het sinds kort geen taboe, maar zelfs een trauma geworden. De keutel die bij mij de emmer deed overlopen was een gebeurtenis op het werk. Nietsvermoedend ging ik vorige week naar het toilet en deed de deur open. Kijk ik rechtstreeks in het persende gezicht van een collega. Hij had uitpuilende ogen en rode wangen. Hij was duidelijk nog niet klaar. Toiletpapier in de ene hand, telefoon in de andere. Hij was aan het appen op het toilet. We keken elkaar aan en van schrik veegde hij zijn kont af met zijn telefoon. Ik ben hyperventilerend naar buiten gelopen en sindsdien is het mis met mij. Ik kan geen toilet meer zien, ik word ’s nachts badend in het zweet wakker. Ik had het gelijk moeten uitpraten met mijn collega, dat heb ik helaas niet gedaan. Ik ben bang dat ik nooit meer ongedwongen kan genieten van mijn stoelgang. Waar ik een paar weken geleden nog een onbevangen poeper was, ben ik veranderd in een schijtlijster.

Om letterlijk de druk er af te halen, moet ik erover schrijven en praten, is mij geadviseerd. Dat werkt helend en relativerend, want ik ben getraumatiseerd. Dus ik hoor er ook bij. Ik heb eindelijk ook een trauma. Het is nog niet echt een trauma waarmee ik bij Jinek, Tan of Van Nieuwkerk aan tafel mag komen, maar het is een begin. Ik heb een poeptrauma en sindsdien heb ik coprofobie. Ook wel poepangst genaamd.

De psychiater zei, dat ik gezien mijn jeugd wel aanleg had voor deze angst. Vroeger poepte ik het liefst alleen maar thuis. Ik ben een zogenaamde thuispoeper. Ik kwam menigmaal met de billen bij elkaar naar huis gelopen. Ik liep dan als Gordon. Het tegenovergestelde is het geval, als iemand alleen maar bij anderen wil poepen. Deze mensen hebben totaal geen aanleg voor deze angst. De overtreffende trap van deze soort is als ze alleen maar op feestjes willen poepen. Dat zijn de  zogenaamde party poopers. Ik heb allerlei andere sub angsten en syndromen ontwikkeld. Door hier over te praten zal ik er over heen groeien. Daarom heb ik nu een missie. Ik wil het taboe van poepen afhalen. Er moet meer over gepraat worden. ‘Praat geen poep’ moet veranderen in ‘Praat over poep’ Wat Goedele Liekens betekent voor seks, wil ik zijn voor de poepindustrie. Als je haar specialisme en die van mij combineert, dan krijg je hobbyisten die in ieder geval geen poepangst kennen. Het zijn fetisjisten.

Uit recent onderzoek bleek dat Nederlanders moeite hebben met poepen op het werk. Op telvisie heb je de kijkdichtheid, op het werk heb je de poepdichtheid. En deze is vaak hoog, want je brengt toch veel uren door op het werk. Bij een hoge dichtheid is daarom de kans groot dat je elkaar betrapt tijdens ‘het drukje doen’. Bij ons op het werk kun je elkaar zeer goed horen. Want naast het toilet hangt een urinoir. U weet wel zo’n porseleinen kraag met aan het einde van de dag een halve kilo schaamhaar erop. Sommige collega’s die de shag op hebben draaien er vaak nog een sigaret van.

Er zijn volgens mij drie vervelende nog nooit openbaar gemaakte poepsyndromen. Dat is ten eerste het  “stilzijn-terwijl-er-iemand-meeluistert-syndroom”, vervolgens de “eeuwige veger” en als derde het “verse-potje”. Met de eerste was ik daarnet al begonnen. Je zit dus lekker op het toilet en net voor je wilt plonzen, komt er iemand binnen. Hij is al halverwege en dan moet je inhouden. Je moet dan helemaal stilzitten en hopen dat hij er niet vanzelf uitkomt, met al het bijkomende lawaai van dien. Na gemiddeld 30 seconden is deze plasser vaak verdwenen en kun je eindelijk verder. Het tweede syndroom kan ontstaan tijdens het eerste. Op het moment dat er plotseling iemand binnenkomt, moet je inhouden en is het risico groot dat de keutel afbreekt. Als vervolgens de drang is verdwenen dan kan dat laatste stuk nooit meer komen en dan veeg je je een ongeluk. De eeuwige veger.

veel wc papier

Het derde syndroom is bijna nog moeilijker te verwerken dan het tweede. Het is wanneer iemand je net voor is geweest: het verse potje. Ik noem het ook wel de kinderboerderij. De geur komt namelijk overeen. Na veel wikken en wegen ben je eindelijk naar de wc gegaan. Als je binnenkomt weet je eigenlijk al genoeg. De geur is 90 procent poep, 10 procent luchtverfrisser en de bril is nog warm. En je kunt bijna achterhalen wie de boodschap heeft gedaan. Dat is het befaamde “verse potje”. Dan haak ik af en kom ’s avonds als Gordon het huis in….

One thought on “Poepie doen”

  1. Klopt helemaal Martin wat denk je van de camping wij staan af te wassen naast de wc dan hoor je ze kreunen en steunen en…..die geur lang geen pretje.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s