Schuiven en skiën in Grindelwald

Om de Bucketlist (in mijn geval een B-lijst) toch wat meer allure te geven en op termijn om te buigen in een A-lijst, heb ik het idee opgevat om mijn ski-horizon te verbreden. Vorig jaar was ik geëindigd in Sella Ronda, Italië. Nu ik toch de smaak te pakken heb van niet-Oostenrijkse landen, wil ik gelijk maar doorpakken. Zwitserland zou het worden. Lees verder Schuiven en skiën in Grindelwald

Pieterpad dag 9: Opzij, opzij, opzij

In september 2016 heb ik besloten het Pieterpad te wandelen. Samen met mijn broer. Dit pad is vijfhonderd kilometer lang en begint in Pieterburen in Groningen en eindigt op de Pieterberg bij Maastricht. We zijn na acht wandeldagen in Hardenberg aangekomen.

Dit verslag gaat over onze etappe van Hardenberg naar Junne, een gehucht voor Ommen. Een heuse thuiswedstrijd, want wij komen uit Hardenberg. Dedemsvaart om precies te zijn. De laatste keer dat we de stoute wandelschoenen hadden aangetrokken, is al weer zeven maanden geleden. Je zou denken, dat wij motivatieproblemen hebben, maar niets is minder waar. Prioriteiten stellen, noemen ze dat. Mijn broer moest zijn nieuwbouw huis afbouwen en ik had het druk met dromen over een nieuwbouw huis. Zijn huis is zo goed als af, mijn droom staat in de koelkast. Naast de flesjes Heineken.

Maar goed, het is zondag 21 januari 2018, en we staan in Hardenberg, rond een uur of tien ‘s ochtends. Het is druk met kerkgangers. Hardenberg is en blijft een gereformeerd dorp, veel ‘fienen’ hier. Ze zijn van de ‘tempel’. Wij staan daar rustig naar te kijken en doen wat rek en strek oefeningen. We doen een schietgebedje. Het Pieterpad wandelen is en blijft topsport.

We hebben vandaag ongeveer 12 kilometer voor de boeg, de afstand is niet echt mannelijk, maar het tempo wel, bleek later. Een gemiddelde waar we vroeger op school alleen maar van konden dromen: vijf komma negen.  5,9 km/uur, is niet slecht. We hadden er echt zin in. We gunden ons nauwelijks de tijd voor een bakkie koffie. We hadden nauwelijks tijd voor socialtalk met andere Pieterpadlopers. We kwamen namelijk een paar kilometer nadat we Hardenberg achter ons hadden gelaten, een paar rasechte Dedemsvaarters tegen, die het Pad ook lopen. ‘Jullie zijn al een mooi stuk van de Tempel man’, wisten wij uit te brengen. Het was de familie Tempelman. (Oprechte excuses voor deze slechte grap.) Elkaar op afstand wat vriendelijkheden toeroepend, snelden wij voort. We komen ze vast bij een andere etappe nog wel tegen, dan laten we ons wel van de sociale kant zien.

Mochten wij toch motivatieproblemen hebben, dan zijn deze na deze fantastische dag verdwenen. Het was prachtig weer (graad of 7 en volle bak zon) en de route was ook lekker. Want het mag best eens gezegd worden. Het Vechtdal is mooi. De eerste kilometers lopen we parallel aan de Vecht, nabij Rheeze schieten we het bos in: Boswachterij Hardenberg, dat na 1930 als productiebos is aangelegd. In de jaren ‘60 hebben ze er een bosbad in aangelegd: De Oldemeijer. De Copacabana van Hardenberg. Dat deze streek niet alleen populair is bij ons, maar ook bij andere landgenoten en de laatste jaren steeds meer Duitsers, bewijzen de vele campings die hier gelegen zijn. Stuk voor stuk topcampings. Na een kilometer of vijf in dit bos te hebben gelopen zijn we bij de finish en nemen we ons voor volgende keer meer te genieten. Snelheid naar beneden, kilometers naar boven.

Lees hier het vorige Pieterpadverhaal, met nog meer achtergrondinformatie dan in dit verslag!

Leef je nog in 2017 en heb je de kerstversiering nog niet opgeruimd? Laat dit dan lekker staan, het is zo weer december… Want kerstbomen aftuigen is zo makkelijk nog niet! Lees Kerstboom aftuigen

Kerstboom aftuigen

Kerstvakantie? Ik ben er gek op. Je kunt in die twee weken toch dingen doen waar je anders geen tijd voor hebt. De maand december is altijd zo druk. Wees eerlijk, je wordt geleefd. Waar het echt om draait, kom je als gezin gewoon niet aan toe. Mijn vrouw en ik waren er echt aan toe. We keken er al weken reikhalzend naar uit. Dat we eindelijk weer eens konden doen, waar we maanden al niet meer aan toe waren gekomen. Lees verder Kerstboom aftuigen

Zing, drink, dans, lach, vecht, knooi en bewonder

Ik ben een man van tweeënveertig jaar. Ik heb momenteel een dagtaak aan het in de kop drukken van mijn midlifecrisis. Ik moet allerlei oergedrag constant zien te bedwingen. Ik loop op mijn tenen. Om toch een goed evenwicht te vinden, heb ik mij laatst geprobeerd onder te dompelen in jeugdsentiment. Het idee was om ouderwets te gaan stappen op zaterdagavond en eens flink los te gaan qua drank en dansen.

Ik zou eens flink de bloemetjes en de bijtjes buiten zetten! Ik kom van het platteland en daar stonden wij vroeger in discotheken. De rode draad op zo’n avond was dat de mannen meters bier wegdronken en dat de dames zich het zwart voor de ogen dansten en zongen. Dus niet chillen, loungen of hangen, zoals tegenwoordig. Nee, ouderwets stappen. En dat deed ik in Takens. Takens in Balkbrug in het Noorden van Overijssel. Takens was dé uitgaansgelegenheid van Noordoost-Nederland. Ik zou dus naar Takens gaan. Weliswaar met mijn vrouw, maar dat mocht de pret niet drukken. Mijn feestje werd mooi verpest, want Takens bleek failliet te zijn. Door al dat gechill, gelounge en gehang van de jeugd van tegenwoordig, wordt er niet genoeg omgezet en heeft Takens geen bestaansrecht meer.

En zo zit ik nu op deze zaterdagavond teleurgesteld op de bank naar ‘De Jongens tegen de Meisjes’ te kijken. Mijn vrouw heeft haar stapjurk ingeruild voor de pyjama en ik zit er niet veel florissanter bij. Ik heb zojuist in rap tempo zes flesjes bier opgedronken om toch het oude gevoel te simuleren. Lichtelijk draaierig in mijn hoofd gaan mijn gedachten terug naar die goede oude tijd.

In gedachten loop ik weer als jong mannetje door de zalen van Takens, het vrijgezellencafé en de bowlingbaan. In de grote zaal stond de diskjockey singletjes van vinyl te draaien of was er een ‘drive-in show’. In de kleine zaal werd er opgetreden. Golden Earring, Koos Alberts, Marco Borsato, De Dolly Dots, maar ook Dennie Christian was er geregeld. Dennie Christian kwam vaker dan ons lief was, want hij was standaard de vervanger van André Hazes, die vaak niet kwam opdagen. In beide zalen waren de meters bier niet aan te slepen. Takens was niet alleen van de jongeren, het was van iedereen. Niet alleen de roestige ritsen, maar ook de twintigers en dertigers waren goed vertegenwoordigd en zorgden in hoge mate voor de omzet.

In mijn beginjaren was ik er altijd voor half tien, dat scheelde tien gulden(!) entreegeld en daardoor had ik vijf munten extra. Dan was je toch het mannetje, de hele week hard geleerd en gewerkt en dan gewapend met twintig munten Takens in. De ene zak vol met munten en de ander vol met mannelijke hormonen. Je raadt al welke zak aan het eind van de avond gegarandeerd leeg was.

In Takens was het leven overzichtelijk. Je wist wie bij de entree stond, wie bij de munten stond en wie het bier in tapte, maar ook wie je er desgewenst uittrapte.

Qua overzichtelijkheid was het zelfs zo dat ieder dorp min of meer zijn vaste plek had, zeker in de grote zaal. Aan de linkerkant stond: ‘Nieuwleusen en omstreken’, voorin ‘Dedemsvaart en omstreken’ en achterin bij de diskjockey ‘Balkbrug en omstreken’. De dansvloer was groot en werd vrijwel alleen gebruikt door de vrouwen. Sigaretten in de ene hand en een Bessen Jus in de andere. Het motto was: ‘stappie hier, stappie daar en ook dit dansje is weer klaar’. De mannen stonden natuurlijk te lonken naar zoveel souplesse en choreografie. Ik was, net als de meeste kerels, geen Don Juan. De prioriteiten lagen vaak meer bij bier en sterke verhalen, dan bij de vrouwen. Soms had ik beet en kwam ik met een openingszin: ‘Ben je al eens eerder in de zevende hemel geweest?’ Dan keek ze me vaag aan, want ze had me door het lawaai niet gehoord…Voordat we dan naar buiten gingen, kwam je nog langs de TL-verlichting bij de ingang. Ook dat was typisch Takens en superhandig. Voor beide partijen. Want je kon ‘het vlees’ nog even real-time keuren. Ik noemde dat de zogenaamde ‘TL-controle’.

De TL controle doorstaan? Dan naar buiten, naar het parkeerterrein om daar wat te ‘knooien’. Met de ervaring, die ik nu heb, kan ik het in mijn geval niet anders noemen. Met de handen onder de kleding beha bandjes los proberen te krijgen en vervolgens wat knijpen en frunniken aan de borsten. Vervolgens nog even wat schaamhaar in de war brengen en ook daar wat drukken en wrijven, dat was de rode draad. Na een kwartiertje zeiden ze vaak dat ik er wel mee mocht ophouden. Dat had ik toch maar even mooi gedaan! Ik had haar als een ware Don Juan, met mijn magische handen binnen een kwartier in de zevende hemel laten belanden! Achteraf besef ik, dat ik ze eerder in de hel bracht dan in de hemel met mijn gefrunnik. De meiden kreunden wel, maar dat was eerder van pijn dan van genot.

Soms hadden we geen tijd voor de meiden, dan waren we druk met belangrijke mannenzaken: knokken. Ouderwets matten. Dat hoorde ook bij Takens. Takens had een eigen ‘knokploeg’ bestaande uit potige Balkenezen die nergens voor terugdeinsden. Ze sleepten je de zaal uit en op de parkeerplaats kreeg je nog een paar tikken na. De volgende week was het gewoon weer ouwe jongens krentenbrood.

Ik ben slechts één keer in een vechtpartij beland. Mijn broertje was voor de eerste keer in Takens en zag een paar vervelende gasten uit Zuidwolde. Hij had al veel bier op, dus was vol zelfvertrouwen. Hij wilde ‘matten’. ‘Slecht idee, we zijn zwaar in de minderheid’, probeerde ik nog. Maar hij stroopte zijn mouwen op en daar ging het los. In de kleine zaal, bovenop het balkon. We kregen de nodige tikken, maar onze lange armen die als molenwieken door de lucht maaiden, richtten ook de nodige schade aan. Opbrengst: twee blauwe ogen, twee bloedneuzen en een stuk of wat kettinkjes in onze handen! De uitsmijters zagen dat we in de minderheid waren en dirigeerden ons via de trap naar de keuken. Tien minuten later zaten we op onze fiets naar huis. Nog weer tien minuten later zaten we met bevroren kipfilets op onze blauwe ogen. Kipfilets? Ja, onze ma was nalatig geweest. Ze had de ijsblokjes niet aangevuld. We sliepen vervolgens vredig in.

Ik word wakker. Ik zit in mijn stoel in een donkere huiskamer. Zes flesjes bier naast me. Ik heb een glimlach op mijn gezicht, die er met honderd stokslagen nog niet af is. Dat was ook precies de reden, dat mijn vrouw me heeft laten dromen in mijn stoel. Ik stap op en slaap vredig verder naast mijn bloedeigen Takens verovering. Zij heeft twintig jaar geleden mijn slechte openingszin gelukkig niet gehoord en we hebben allebei de TL-controle doorstaan.binnenkant

Niet voor de poes

Ik maak me zorgen. Normaal gesproken ben ik aardig rustig, maar sinds enige tijd maak ik mij zorgen. Echt zorgen. Om de vrouwen in Nederland. En ik kan er met mijn vrouw niet over praten. Straks verbergt zij het ook voor mij. En dat terwijl ik net verlost ben van mijn vorige angst en die was ook al vrouw gerelateerd. Ik had last van menofobie. Lees verder Niet voor de poes

French Kiss

Swassant-Nuf klinkt niet romantisch, maar als je het in fatsoenlijk Frans schrijft kun je er al behoorlijk opgewonden van raken. Standje 69. Voorwaarde is wel dat je je goed wast van te voren, want je kijkt elkaar zo de dikke darm in. En als iets niet opwindend is……. Wat ik bedoel te zeggen, is dat het Franse standje 69 helemaal niet zo mooi is als het lijkt. Ik heb het sinds mijn vakantie in 1995 in Llorret de Mar, al helemaal niet meer op de Franse manieren van liefde bedrijven.

Ik was toen met mijn broer en een stel kameraden op vakantie. Zo waren wij op een avond een keer lang op het strand blijven hangen. Tegen een uur of acht pakten mijn broer en ik onze rugbybal en begonnen met onze gebronsde (korreltje zout), gespierde (korrel zout), goddelijke (schep zout) lichamen de rugbybal magistraal (zeg maar gerust een pak zout) over te gooien. We kregen binnen een kwartier last van onze ongetrainde armen, maar we gingen door, want we stonden vol in de belangstelling van een tweetal prachtige meiden. Het duurde dan ook niet lang voordat de rugbybal per ongeluk bij hun op het badlaken viel. Mijn broer liep er heen en begon een praatje. Uit zijn gezicht kon ik opmaken dat hij er niets van begreep. Ik vroeg aan hem om een augurk na te doen. Toen keek hij nog moeilijker. Ik antwoordde dat hij niet direct een hele pot hoefde na te doen. Afijn, om een lang verhaal kort te maken: het waren twee Franse zusjes. Ik deed het woord. Met mijn Prisma Engels, vijf jaar HAVO werpt dan toch zijn vruchten af, wist ik mij aardig te redden. Zo was een afspraak voor later op de avond snel geregeld. Ze kwamen op het eerste gezicht niet super wanhopig over, maar achteraf gezien ‘hapten’ ze wel erg snel toe.

Zo stonden we die avond op de balustrade van St.Trop’. En ja hoor, daar kwamen deze twee Franse stoten al aan. Ze hadden er echt zin in. Waarschijnlijk waren ze de hele avond al wat gespannen geweest, want ze stonken beide naar zweet. Mijn broer, direct als hij is, begon na een wel zeer kort inleidend gesprek één van de Franse meiden te zoenen. Ik babbelde nog wat verder met de ander, toen na een minuut mijn broer me aanstootte. Hij zei: “Deze kan helemaal niet zoenen, ze bijt mijn lippen kapot en vernielt mijn tanden!” Ik begon te lachen, waarop zijn meisje ook begon te lachen. Ik knipoogde naar haar en wenste mijn broertje succes. Het waren zussen, dus nam ik ook de proef op de som en begon de andere te verleiden met mijn beste Engels. Ze viel gelijk voor me. Toen ik naar voren ging om haar te zoenen rook ik hoe verschrikkelijk ze naar zweet stonk. Mijn mond viel er van open. Daar maakte zij gretig gebruik van, door keihard op mijn lippen te bijten. Ik wilde kwaad worden, maar ze lachte zo lief naar mij. Dit was dus een French Kiss.

Ik zei tegen mijn broer dat we snel van deze twee bijtende wezens af moesten, voordat we zo toegetakeld zouden worden dat we de rest van de vakantie met pleisters op de lippen zouden rond lopen. Of nog erger, dat ze gek waren op swassant nuffen… Dan zouden ze onze mannelijkheid gaan ontnemen!

Onze kameraad stond op een afstandje te kijken naar ons. Mijn brein werkte op volle toeren en de oplossing was nabij. Ik zei tegen de kameraad, dat hij net moest doen alsof hij last kreeg van zijn buik. Dan konden wij hem naar het appartement brengen en dan waren wij van deze Franse sekreten  af. Hij zat op de toneelschool, dus leek het net alsof zijn hele blinde darm explodeerde toen hij kermend neerstortte. De meiden schrokken zich lam, wij snelden naar hem toe. ‘He has pain in the stomic’, legden we de dames uit. Hem ondersteunend brachten wij hem naar buiten, waar wij in lachen uitbarsten. Wat hadden wij hun te pakken gehad! Maar zij ons ook. Onze lippen bloedden hevig. De rest van de avond moesten we denken aan deze ‘French Kiss’, alias de Tand Zoen.  Twee Franse meiden die hevig bijtend zoenen en daarna liefdevol lachen. De volgende dag kwamen we ze op het strand tegen en vroegen ze aan onze kameraad hoe het met zijn ‘stomic” was. Hij antwoordde: “I took some pills”. En daar was geen woord aan gelogen, want hij was later die nacht ontzettend dronken geworden van dat Spaanse flut-pils!

Duitse vakantiefrustratie

Net terug van vakantie. Naar Scandinavië geweest. Waarom dan toch, vragen veel mensen. Wintersporten doe je toch pas met de kerst of in de krokusvakantie? Waarom zou je de kou nu al opzoeken? Wij wilden wel eens wat anders. Warmte wordt je ook alleen maar suf van. Wij wilden wel eens fris aan de slag, na de bouwvak. En met minder frustraties. Want ik had gedacht dat ik op deze manier minder last van wegwerkzaamheden in Duitsland zou hebben. Lees verder Duitse vakantiefrustratie

MET EEN KNIPOOG